Genootschap voor de Joodse Wetenschap in Nederland
ONLINE (zie e-mail) 10.30 uur (graag ruim op tijd inloggen)
NB Niet-leden gelieven zich bij Crescas aan te melden!

zondag 20 maart 2022

De Restitutiecommissie Cultuurgoederen

Jan van Kreveld

In de jaren 90 van de 20e eeuw is internationaal een beweging op gang gekomen om restitutie van roofkunst uit de nazitijd nieuw leven in te blazen. Dat heeft in 1998 geleid tot het vaststellen van de Washington Principles on Nazi-Confiscated Art, waarbij zich 46 landen hebben aangesloten. In Nederland is in 2001 een Adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog (Restitutiecommissie) ingesteld. Deze heeft tot taak te beoordelen, na een verzoek uit binnen- of buitenland om restitutie van een cultuurgoed dat in Nederland is, of dit moet worden gerestitueerd aan de oorspronkelijke eigenaar of diens erfgenamen. Aan de hand van de stukken van partijen en onderzoek in archieven in binnen- en buitenland tracht de Restitutiecommissie te achterhalen wie in de nazitijd (in Nederland of elders) eigenaar van het cultuurgoed was en of deze eigenaar het bezit daarvan door de nazi-omstandigheden onvrijwillig heeft verloren.

Wat is de werkwijze van de Restitutiecommissie? Welke criteria hanteert zij bij haar beoordeling of restitutie moet plaatsvinden? Deze criteria zijn op advies van de Raad voor Cultuur in 2012-2015 aangescherpt. Ze zijn in april 2021 naar aanleiding van aanbevelingen van de Evaluatiecommissie-Kohnstamm (december 2020) versoepeld en verhelderd. Wat hielden deze diverse wijzigingen in en waarom werden ze noodzakelijk geacht? Wat betekenen deze veranderingen voor reeds afgehandelde zaken? Ook in april 2021 heeft de Restitutiecommissie maatregelen getroffen om het directe contact met beide partijen te versterken. Waarom en wat houden die veranderingen in?

foto vanJan van Kreveld

Jan van Kreveld (1944) is tijdens de onderduik van zijn ouders in Friesland geboren. Na zijn schooltijd in die provincie studeerde hij rechten aan de Rijksuniversiteit Groningen, waar hij vervolgens tot 1980 docent bestuursrecht was. In 1983 promoveerde hij cum laude op het proefschrift Beleidsregels in het recht. Van 1980 tot 1998 vervulde hij verschillende juridische functies bij de ministeries van Economische Zaken en Justitie. In die periode was hij tevens een aantal jaren deeltijdhoogleraar in Tilburg (wetgevingsleer) en Groningen (bestuursrecht). Van 1998 tot 2004 was hij raadsheer in de Centrale Raad van Beroep in Utrecht. Van 2004 tot 2014 was hij lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Sindsdien is hij vrijwilliger (ouderenzorg en taalcoach voor buitenlanders) en lid c.q. voorzitter van diverse commissies en onderzoekt hij zijn familiegeschiedenis. Sinds december 2017 is hij lid van de Restitutiecommissie.

Jaap Sajetlezing