Genootschap voor de Joodse Wetenschap in Nederland
Plaats ‘Lev’ bij Beth Shalom, Kastelenstraat 80, Amsterdam
Tijd 10.30 uur (zaal open vanaf 10.15 uur)

NB Niet-leden gelieven zich bij Crescas aan te melden!

zondag 10 maart 2024

De verdwenen Amsterdamse jodenbuurt

Julia van der Krieke

Mei 1943 wordt vaak gezien als het einde van de Amsterdamse Jodenbuurt, maar het nadenken over deze ‘verdwijnende wijk’ begon al veel eerder.

Begin twintigste eeuw ontstond er een nieuwe literaire trend in Amsterdam die door de auteurs liefkozend ‘gettoliteratuur’ werd genoemd. In rap tempo kwamen er romans, journalistieke werken, toneelstukken en gedichten uit over de Amsterdamse Jodenbuurt, waar het leven zich in de straten en steegjes rond het Waterlooplein afspeelde.

Interbellum
De schrijvers waren bijna allemaal afkomstig uit de wijk. Zij vergeleken de buurt met van alles: van een ruggengraat met ribben (Siegfried van Praag, 1929) tot een lange koosjere worst (Meyer Sluyser, 1957). Ze schreven verhalen die kleur gaven aan het Amsterdamse interbellum en gaven vorm aan de idee van een Joods Amsterdamse identiteit tegen de achtergrond van een verdwijnende wijk door stadssanering en sociale veranderingen.

Roemloos ten onder
Door de verschrikkingen van de sjoa waren er na de oorlog nog nauwelijks buurtbewoners over om de verhalen door te geven en de buurt weer leven in te blazen. De ruïnes van de Joodse wijk zijn in 1978 grotendeels gesloopt. Zo ging de buurt, die zoveel herinneringen had bewaard, waaronder geuren, grappen, armoede, lief en leed, roemloos ten onder. Hoe kijken we terug op deze Joodse geschiedenis van Amsterdam?

Het verhaal achter Joods leven
Waar nu de Stopera staat, het Amsterdamse stadhuis-annex-operahuis, begon ooit het Joodse leven in Amsterdam. Van deze buurt, Vlooienburg, is nu vrijwel niets meer te zien. Ook het karakter van de aanpalende buurt Uilenburg is sterk veranderd. Hoe zag het leven van Joden in deze buurten eruit?

In deze lezing gaan we op zoek naar het verhaal van succesvolle Portugese kooplieden, rabbijnen, sappelende Asjkenazische straathandelaren en bedelaars. Met elkaar vormden zij de kraamkamer van de Joodse gemeenschap van Amsterdam.

foto vanJulia van der Krieke

Julia van der Krieke (1988) onderzocht voor haar proefschrift de rechtspositie en het vroegmoderne burgerschap van de eerste Amsterdamse Joden tussen 1590 en 1640 en studeerde af op de connectie tussen de Amsterdamse Jodenbuurt en de identiteit van Amsterdamse Joden in het Interbellum. Momenteel leidt Julia als postdoctoraal onderzoeker Joodse Studies aan de UvA het project De Joodse Stad – Vlooienburg en Uilenburg, geïnitieerd door prof. dr. Bart Wallet in samenwerking met het Joods Cultureel Kwartier en de gemeente. Het project heeft als doel om de lange geschiedenis van Joods Amsterdam, specifiek van Vlooienburg en Uilenburg, over te brengen op een lokaal Amsterdams publiek via een podcastserie, evenementen, kunstprojecten, een website en meer.